EEN PROJECT VAN
CIRCUS COLOURFUL CITY
& MUSEUM HET VALKHOF
 
Meewerkende kunstenaars
 
Yaquelín Abdalá   /  Marjoleine Boonstra   /  René Brouns   /  Diederik Grootjans   /  Harmen de Hoop   /  Murat Sahinler   /  Keiko Sato   /  Igor Sevcuk   /  Bert Sissingh   /  Nur Tarim   /  Marieke Vriend   /  Inette van Wijck   /  Lee Eun Young   /  Aboudramane   /  Willie Bester   /  Romouald Hazoumé   /  Esko Männikkö   /  Moké   /  Mohammed El Morabet   /  Santiago Rodríguez Olazábal
Aboudramane
 

‘Le Casque Case’ 1992. Hout; klei; verf. 25 cm x 42,5 cm
 
Aboudramane (Côte d’Ivoire, 1961) vertrok toen hij tweeëntwintig was naar Parijs om er als meubelmaker te gaan werken. De Zweedse schilder Claesson, bij wie hij een baan kreeg, motiveerde hem om zich op vrij werk te gaan toeleggen. Het eerste beeld dat bij hem op kwam - samengesteld uit lucifers, aarde, doosjes en veren - was een fantasie-Afrikaans huisje.
 
Het was het begin van een serie steeds professioneler uitgevoerde miniatuurhuisjes die Aboudramane ‘sculpturesmemoires’ noemt. Daarmee verwijst hij naar de uitbeelding van een herinnering die gemengd is met nostalgie, maar daarin niet blijft hangen. Hij kopieert geen bestaande architectuur, zijn huisjes zijn geen modellen van specifieke gebouwen in Afrika, maar van imaginaire architectuur. De herinnering vervormt en creëert een nieuw beeld: de som van waarneming, beleving en verlangen.
 
De ‘heilige huisjes’ van Aboudramane zijn van een formaat dat in elke huiskamer past. In een geseculariseerde maatschappij biedt hij minitempeltjes aan, producten van fantasie en herinnering. Deze gebouwtjes hebben ontegenzeggelijk een Afrikaans karakter, maar bieden tevens ruimte voor eigen associaties.
 
Eén van de huisjes is een wit huisje met op het dak een kruis. Het kruis is gekanteld, de positie ervan is niet stabiel. Uit het dak steekt een grillige, blanke tak. In het gebouwtje (Aboudramanes huisjes zijn niet leeg!) bevindt zich een houten, ritueel aandoend object met takjes en bedekt met veertjes. De christelijke kerk heeft in dit beeld geen dominante positie. Hij maakt een eclectisch gebruik van elementen uit kerken, moskeeën en wereldlijke architectuur in islamitische en Frans-koloniale stijl. Het resultaat is een half-fictieve wereld met een eigen vanzelfsprekendheid. Het verhaal van Aboudramane is, hoe persoonlijk ook, voor iedereen herkenbaar.
 
 
 
TEKST
Afrika museum, Berg en Dal