EEN PROJECT VAN
CIRCUS COLOURFUL CITY
& MUSEUM HET VALKHOF
 
Meewerkende kunstenaars
 
Yaquelín Abdalá   /  Marjoleine Boonstra   /  René Brouns   /  Diederik Grootjans   /  Harmen de Hoop   /  Murat Sahinler   /  Keiko Sato   /  Igor Sevcuk   /  Bert Sissingh   /  Nur Tarim   /  Marieke Vriend   /  Inette van Wijck   /  Lee Eun Young   /  Aboudramane    /  Willie Bester   /  Romouald Hazoumé   /  Esko Männikkö   /  Moké   /  Mohammed El Morabet   /  Santiago Rodríguez Olazábal
Keiko Sato
 
"Home is my culture and my private history, very personal. A symbol of a country does not remind me of home. Home means to me the intimacy of landscape and language, of food, smells, space, close friends and family. This intimate life recalls my memories. It gives me a feeling of longing."
 

Zonder titel, 2000. Glazen flessen (wijn, bier en melk), zand, touw, 8 x 11 m.
South London Gallery
 
Keiko Sato wil dat haar werk iets doet met mensen, iets teweegbrengt. Haar installaties zijn tijdelijk, zó tijdelijk dat ze ze vaak na afloop van een expositie letterlijk van de vloer weg bezemt. Maar het proces dat ze met haar werk in gang wil zetten, is oneindig.
 
Vóór ze op haar tweeëndertigste aan haar kunstopleiding begon, werkte ze tien jaar als vroedvrouw. Door haar werk was ze heel direct betrokken bij het begin van het leven, maar ook bij de dood. Haar werk als beeldend kunstenaar gaat ook over dood en leven. Leven en dood horen bij elkaar, net zoals groei en afbraak, constructie en deconstructie: "Het leven is niet controleerbaar, maar mensen willen dat niet weten. Dat is beangstigend. Ze denken niet aan de dood. Maar als je er wel aan denkt ga je anders nadenken over wat leven is". Met haar kunst wil ze het ongrijpbare laten zien, dingen waarvoor mensen bang zijn, waarover zij geen controle hebben: verval, dood en vernietiging. De materialen die Keiko Sato in haar installaties gebruikt zijn metaforen: glasscherven, sigarettenpeuken en as, thee die tijdens de expositie gaat schimmelen, verbrande papiersnippers. Al haar projecten liggen op de grond. Op het eerste gezicht zie je een verzameling vieze en kapotte dingen. Je vraagt je af of je hier kunt lopen. Moet je proberen tussen de rommel door te navigeren of kun je er gewoon overheen lopen? Veel van Sato’s werk ruikt en maakt geluid als je er overheen loopt. Maar alles is zorgvuldig gearrangeerd. Er is iets nieuws van gemaakt: "Wat gebroken is heeft niet te hebben afgedaan, het verandert, je kunt het omwerken tot iets anders".
 
De materialen waarmee Keiko Sato het project ‘Huis’ gaat maken zijn kinderklei, gekleurde touwtjes, dode beestjes en kleine papieren vlaggetjes. De installatie krijgt een plaats op de trap van het museum. Als een performance zal ze daar de vlaggetjes kapot knippen. De materialen gaat ze vervolgens verwerken tot een ‘gebroken’ landkaart.
 
Sato kreeg het idee toen ze kinderen zag spelen: "Vooral jongetjes spelen vaak oorlogje. Schieten, doden, overleven. Ze zijn nauwelijks uitgespeeld met schieten en dood neervallen, of zij maken alweer mooie huisjes of spelen dat ze paardje rijden. Ik wilde deze dualiteit in de speelwereld van kinderen laten zien door het oog van een kunstenaar en ermee verbeelden dat de mensen adrenaline nodig hebben om te kunnen leven. Dat kan een levensgevaarlijke situatie opleveren". De installatie suggereert een oorlogssituatie met dood en verval; de vlaggen markeren stukken veroverd land. De vlag, symbool van een land, zegt eigenlijk niets over iemands thuis, aldus Sato. Met de kapotte vlaggen wil ze het begrip van een natie ter discussie stellen en daartegenover het begrip thuis onder de aandacht brengen. De kapotte vlaggen die niet meer als symbool voor een land kunnen functioneren, kunnen wel een soort wereldlandschap creëren: "The world landscape also shows the living and creative power of humanity".
 
Keiko Sato (Iwaki, Japan, 1957) werd opgeleid aan Goldsmith’s College, University of London, en volgde een internationale postacademische opleiding aan de Jan van Eyck Academie in Maastricht. Zij woont en werkt in Nijmegen.
 
INTERVIEW
Hanna Muris