Nur Tarim
"Wat is mijn thuisgevoel? Dat is zo’n
mengelmoes. Ik kom helemaal niet uit
Nederland, maar ik zit hier. Voel ik me hier
thuis? Bij tijd en wijle wel, maar ga ik ergens
anders heen dan kan ik me daar ook thuis
voelen, ik heb geen vaste stek waar ik me
thuis voel. Als ik met de vraag hiernaar
geconfronteerd word, dan merk ik dat ik dat zo
voel, maar ik ben me daar niet echt bewust
van. Wat je niet mist dat doet je ook niet
zoveel."
 ‘Beestje Huisje Boompje’, 2002. Fullcolor druk op doek, 440 x 120 cm South London Gallery
Nur Tarim maakt ruimtelijk werk. Daarin is hij vooral met
vormen en materialen bezig, en minder met het vertellen
van een verhaal. Na twee jaar architectuur te hebben gestudeerd
stapte hij over naar de beeldhouwkunst. Hoewel hij
gevoelsmatig betrokken is gebleven bij architectuur, was
die studie uiteindelijk toch zijn weg niet. Hij vindt nog
steeds dat hij destijds de goede keus heeft gemaakt. Hij
ging vooral verder met dat wat hem in de architectuur het
meest had aangesproken: ruimtelijkheid. Een beeld heeft
tenslotte ook alles met ruimte te maken, vandaar dat er ook
gesproken wordt van ruimtelijk werk.
Het laatste jaar vindt er een verschuiving plaats in zijn aanpak.
Zijn werk is niet zozeer ruimtelijk maar maakt gebruik
van de bestaande ruimte en reageert direct op die ruimte.
Een dialoog met de architectuur, zou je kunnen zeggen.
Het werk ‘Maria’ dat hij recent voor een tentoonstelling in de
Grote Kerk in Alkmaar maakte, reageert op de hoogte en op
de functie van de ruimte. Het betreft een madonna-achtige
vrouwenfiguur, die op een ruim drieëneenhalve meter hoog
transparant doek is gedrukt. Een tweedimensionaal werk dat
toch van de voor- en achterkant te bekijken is. Omdat het op
zes meter hoogte is opgehangen wordt de kijker uitgenodigd
omhoog te kijken. Hij ziet dan niet alleen de sensuele vrouwenfiguur,
die naakt is onder haar doorzichtige sluiers, maar
ervaart tegelijkertijd de hoogte van de eenendertig meter
hoge kerk.
In zijn werk voor het Alhambra-project borduurt hij hierop
voort. Voordat hij aan het werk ging koos hij eerst de locatie:
de entree van het museum. Dat was al de helft van het werk.
Voor Tarim vormen de twee glazen wanden bij de entree een
scheiding tussen de ruimte en alles buiten. Hij ervaart die
tweevoudige scheiding als verwarrend, maar ook als een
soort etalage. Daarom streeft hij naar een werk dat evenveel
transparantie heeft als de ruimte zelf en dus zowel van de
buitenkant als van de binnenkant te zien is. Tarim wil tegelijkertijd
een statement maken over ‘thuis’. Naast de letterlijke
transparantie van zijn werk wil hij ook figuurlijk transparant
zijn door zijn intieme thuisgevoel met het publiek te delen.
Nur Tarim (Lüleburgaz, Turkije, 1947) volgende gedurende twee jaar een studie architectuur.
Hij studeerde af in beeldhouwen aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Istanbul.
Hij woont en werkt in Nijmegen.
INTERVIEW
Hanna Muris
|
|